Hoeveel water moet je drinken tijdens een intensief seminar?

Portret van Remco van der Berg, aikido trainer en sportjournalist
Remco van der Berg
Aikido trainer en sportjournalist
Voeding & Supplementen · 2026-02-15 · 7 min leestijd

Je staat op het punt om je aan te melden voor dat zware aikido-seminar in Utrecht of misschien wel dat BJJ-kamp in Amsterdam. Je hebt je Gi en je band klaarliggen.

Maar er is één ding dat vaak vergeten wordt en je dag kan maken of breken: water. Hoeveel liters moet je nou echt naar binnen gieten om de dag door te komen zonder als een leeggezogen vis op de mat te vallen? Laten we dat eens rustig uitzoeken, zonder ingewikkelde theorie.

Wat je nodig hebt voordat je begint

Voordat je überhaupt de dojo in stapt, moet je je materiaal op orde hebben. Je lichaam is je gereedschap, en water is de brandstof. Zorg dat je dit klaar hebt staan:

  • Een drinkfles van minimaal 1 liter: Geen kleine slokjesflesjes. Denk aan een stevige Dopper of een CamelBak. In Nederlandse vechtsportzalen zie je vaak de Dopper Original (€12,50) of een vergelijkbare RVS-fles. Zorg dat je er minimaal twee bij je hebt voor een dagdeel.
  • Een weegschaal (thuis): Dit klinkt gek, maar het is de enige manier om je vochtverlies precies te meten. Een simpele digitale badkamerschaal (€15-€20 bij de Kruidvat) is voldoende.
  • Elektrolyten: Puur water is niet genoeg bij intensief zweten. Ik heb het niet over die sportdrank met 10 suikerklontjes erin. Haal een potje Sport Elektrolyten van A.Vogel (rond de €12) of een zakje NRC van de Etos. Dit is cruciaal voor herstel.
  • Een handdoek: Niet voor het douchen, maar om jezelf tussendoor droog te vegen. Je verliest vocht via je huid, niet alleen door te plassen.

Stap 1: De nulmeting (avond ervoor)

Om te weten hoeveel je moet drinken, moet je eerst weten hoeveel je verliest.

  1. Drink tot je niet meer dorstig bent: Vanaf 19:00 uur stop je met drinken. Geen bier, geen koffie, alleen water.
  2. Plas leeg vlak voor je naar bed gaat: Dit is je startpunt. Laat je urine lopen tot je echt klaar bent.
  3. Meet je gewicht: Sta 's ochtends direct na het wakker worden (en na het plassen) op de weegschaal. Dit is je 'droge' gewicht. Schrijf het op. Bijvoorbeeld: 80,0 kg.
  4. Drink 500 ml water: Sla dit direct naar binnen. Wacht 30 minuten en meet je gewicht weer. Als het goed is, ben je nu 0,5 kg zwaarder (want 1 liter water = 1 kg). Dit bevestigt dat je weegschaal klopt.

Dit doe je de avond voordat het seminar begint. Het is simpel en werkt als een trein. Veelgemaakte fout: Vergeten dat koffie of bier de avond ervoor je vochtbalans compleet verstoort. Doe dit niet. Hou het bij water.

Stap 2: De basisdrinkhoeveelheid (de ochtend)

Je weet nu wat je basisgewicht is. Het seminar begint waarschijnlijk om 10:00 uur.

  1. Drink 300-500 ml bij het ontbijt: Neem een stevig ontbijt. Denk aan havermout met banaan. Bij dit eten drink je ongeveer 400 ml water. Doe dit uiterlijk 1,5 uur voordat de training begint, zodat je maag niet vol water klotsen.
  2. Drink 250 ml vlak voor de warming-up: Dit is je laatste grote slok. Je wilt niet met een volle blaas beginnen, maar je wilt ook niet uitgedroogd starten.
  3. Check je urine: Is het lichtgeel? Top. Donkergeel? Je bent nu al te weinig aan het drinken. Heldere urine? Je bent al te veel aan het drinken en spoelt mineralen weg. Streef naar licht strogeel.

Je bent nu al een paar uur wakker. Je moet je lichaam vullen voordat je begint.

Specifieke timing: Start je om 10:00? Dan drink je om 08:30 je laatste grote slok. Om 09:45 nog een klein slokje water (50 ml) om je mond vochtig te houden.

Stap 3: Tijdens de eerste sessie (de eerste 60 minuten)

Je staat op de mat. De sensei of leraar begint met de technieken. Je zweet direct. Vermijd ook de 5 voedingsfouten die je prestaties op de mat verminderen.

  1. Drink kleine slokjes, geen emmers: Tussen de oefeningen door neem je 2 tot 3 slokken water. Reken op ongeveer 150 ml per 15 minuten. Als je merkt dat je adem heel zwaar wordt, neem je een extra slok.
  2. Geen suikerdranken: Blijf bij water of je elektrolytendrank. Die sportdrankjes met suiker (zoals AA Drink of Isostar) zorgen voor een suikerdip na 45 minuten. Dat wil je niet als je net een schouderworp moet uitvoeren.
  3. Pauze is drinken: Als de leraar "Pauze!" roept, is je eerste actie niet je matje opruimen, maar je fles pakken. Doe dit direct. Voordat je de mat afgaat voor de wc, drink je 200 ml.

Nu komt het aan op routine. Veelgemaakte fout: Wachten tot je dorst hebt. Tegen de tijd dat je dorst voelt, ben je al 2% vocht verloren en presteer je 10% slechter. Dorst is een te laat signaal.

Stap 4: De tussenpauze (lunch en herstel)

Na de eerste ronde is het tijd voor een pauze. Laten we zeggen van 13:00 tot 14:00, waarbij je de invloed van zout op je vochtbalans tijdens het zweten niet moet onderschatten.

  1. Meet je gewicht (indien mogelijk): Als je de kans hebt, ga even op de weegschaal. Ben je 1 kg afgevallen? Dan moet je 1,5 liter vocht drinken om weer op niveau te komen (1 kg vochtverlies = 1,5 liter drinken ivs wateropname).
  2. Eet zout: Een banaan en een bak kwark met wat zout erover. Of een bakje pindas met zout. Je verliest zout (natrium) via het zweten. Zonder zout kun je kramp krijgen.
  3. Drink 500-750 ml in deze pauze: Spreid dit over het uur. Doe het niet in één keer. Je lichaam kan maar 800 ml per uur verwerken. Drink je te snel, belandt het water onverteerd in je maag en krijg je last van je buik.

Dit is het moment om de schade te herstellen. Specifieke hoeveelheid: Als je 75 kg woog en nu 74 kg bent, drink je in de pauze 750 ml water met elektrolyten.

Vul aan met eten. Zo kom je de middag door.

Stap 5: De tweede sessie en de eindsprint

De middag is vaak zwaarder. Je bent moe, je spieren zijn vermoeid.

  1. Verhoog de frequentie: In de tweede sessie moet je vaker drinken. Iedere 10 minuten een kleine slok. Reken op 200 ml per 20 minuten.
  2. Let op je mentale toestand: Als je je ineens heel chagrijnig voelt of hoofdpijn krijgt, is het meestal een teken van uitdroging en zouttekort. Neem direct een extra slok en een stukje zout drop (zoals de klassieke Engelse drop van €1,50 bij de supermarkt).
  3. De laatste 30 minuten: Je lichaam is nu een lege tank. Probeer nog 300 ml naar binnen te werken. Het voelt alsof je moet plassen, maar dat komt omdat je lichaam het water niet meer vasthoudt. Blijven drinken!

Je vochtvoorraad is al aangesproken. Veelgemaakte fout: Stoppen met drinken omdat je geen zin hebt om naar de wc te gaan.

Je nieren werken op volle toeren. Blijf drinken, ook al betekent dit dat je tussendoor even moet rennen.

Stap 6: De verificatie-checklist (na het seminar)

Je bent klaar. Je bent moe, stijf, maar voldaan.

  • Gewicht checken: Weeg jezelf. Ben je minder dan 1% van je lichaamsgewicht kwijtgeraakt? Top. Tussen 1% en 2%? Je hebt goed gedronken, maar je mag de komende uren nog wat extra water nemen. Meer dan 2%? Je hebt een tekort. Je moet de komende uren flink aanvullen.
  • Kleur van de urine: Als je thuiskomt en plast, moet het weer lichtgeel zijn. Is het nog steeds donker? Je bent nog steeds uitgedroogd. Blijf drinken tot het lichtgeel is.
  • Geen hoofdpijn?: Als je hoofdpijn hebt, drink dan een glas water met een snuf zout. De kans is groot dat het direct wegtrekt.
  • Spierkramp?: Als je 's avonds kramp krijgt in je kuiten of voeten, had je te weinig elektrolyten. Volgende keer meer zout.

Voordat je in de auto stapt naar huis, check dit even: De gouden regel: Een gemiddelde aikidoka (man, 80 kg) verliest tijdens een intensief seminar van 4 uur ongeveer 2,5 tot 3 liter vocht. Hoe voorkom je uitdroging tijdens een zomertraining in een warme dojo? Zorg dat je in totaal (inclusief de pauze) 3,5 liter vocht naar binnen werkt.

Verdeeld over water en elektrolytendrank. Zo stap je de volgende ochtend weer fris op de mat.

Portret van Remco van der Berg, aikido trainer en sportjournalist
Over Remco van der Berg

Remco traint al 20 jaar aikido en schrijft over vechtsporten en persoonlijke ontwikkeling.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Voeding & Supplementen
Ga naar overzicht →