Trainen met een chronische aandoening: Tips voor open communicatie met de Sensei

Portret van Remco van der Berg, aikido trainer en sportjournalist
Remco van der Berg
Aikido trainer en sportjournalist
Pijnpunten & Medische Context · 2026-02-15 · 9 min leestijd

Stel je voor: je staat op de tatami, de dojo ruikt naar schoonmaakmiddel en hout, en je voelt die bekende spanning voor de les. Je wilt zo graag meedoen, maar je lichaam protesteert. Een chronische aandoening, of het nu reuma, diabetes of een longaandoening is, gooit roet in het eten.

Je bent bang om te veel te vragen of dat mensen je anders zien.

Toch is er een weg vooruit. De sleutel ligt bij je Sensei.

Open communicatie is niet zwak; het is de sterkste techniek die je op dit moment kunt beheersen. Je moet leren om je lichaam te beschermen zonder je passie voor aikido of judo op te geven. Het gaat erom een brug te slaan tussen wat je hoofd wil en wat je lichaam aankan.

Waarom je verhaal vertellen essentieel is

Veel sporters met een chronische aandoening zwijgen. Ze denken: "Ik wil geen last zijn" of "Ik moet gewoon kunnen meekomen".

Dat is een gevaarlijke gedachte. In een vechtsportomgeving, waar respect en discipline centraal staan, kan zwijgen leiden tot onveilige situaties.

Jouw Sensei kan niet raden wat er in je lichaam gebeurt. Zonder informatie kan hij of zij een oefening voordoen die voor jou te intensief is. Je riskeert een blessure of een flare-up van je klachten.

Dat is het waard om te voorkomen. Denk aan de sfeer in een dojo. Die is gebouwd op vertrouwen. Jij vertrouwt je leraam met je veiligheid, en hij of zij vertrouwt erop dat je je best doet.

Door open te zijn over je gezondheid, maak je dat vertrouwen sterker.

Je laat zien dat je verantwoordelijkheid neemt voor je eigen proces. Dat is precies wat een goede Sensei waardeert.

Het gaat niet over wat je niet kunt; het gaat over hoe je het beste uit je training kunt halen, binnen jouw grenzen. Je bent geen last, je bent een student met een specifieke uitdaging. Stel je voor dat je zonder te praten toch aanpast.

Je doet stiekem minder herhalingen, of je vermijdt bepaalde technieken. Dat leidt tot frustratie bij jezelf en verwarring bij je partner.

Jouw partner heeft ook recht om te weten hoe hij of zij met jou moet trainen. Door te praten, creëer je een team. Jij, je partner en je Sensei werken samen aan jouw ontwikkeling.

Dat maakt de training veiliger en plezieriger voor iedereen. Het is een investering in je eigen aikido-toekomst.

De kern: Hoe je het gesprek start

Het moeilijkste is vaak de eerste stap. Je hoeft niet meteen je hele medische dossier op tafel te leggen. Begin klein.

Kies een moment vlak voor of na de les, wanneer het rustig is. De dojo is misschien niet de plek voor een lang gesprek, maar een korte mededeling is perfect. Zeg iets als: "Sensei, kan ik even kort iets doorgeven over mijn gezondheid voor de training?" Dit opent de deur zonder meteen een zwaar gesprek te starten.

Het toont aan dat je serieus bent. Wees concreet in wat je deelt.

Zeg niet alleen "ik heb last van mijn gewrichten". Dat is te vaag. Probeer te vertellen wat het voor je training betekent.

Bijvoorbeeld: "Ik heb reuma en mijn polsen zijn erg stijf in de ochtend. Ik kan de eerste 10 minuten geen zware valbrekingen doen." Of: "Ik heb diabetes type 1, dus als ik duizelig word, moet ik direct stoppen en suiker eten." Gebruik woorden die jouw Sensei begrijpt, gerelateerd aan de bewegingen die jullie doen.

Denk aan termen als "uitschieters in mijn knie", "minder flexibiliteit in mijn heup" of "moeite met snelle richtingveranderingen".

Vraag om specifieke aanpassingen. Dit is het belangrijkste deel. Je geeft niet alleen een probleem, je biedt een oplossing of vraagt om meedenken. "Kan ik bij het werpen (Tandoku Renshu) een lagere stand gebruiken?" of "Mag ik bij de technieken met veel draaien (bijv.

Irimi Nage) iets langzamer beginnen?" Door concrete vragen te stellen, geef je je Sensei handvatten. Hij kan direct iets met je input. Dat voelt voor jou ook minder als een klacht en meer als een constructieve bijdrage.

Vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Jouw openheid bouwt bruggen in de dojo.

Praktische stappenplan voor jouw volgende training

Om het je makkelijker te maken, hier een stappenplan dat je direct kunt gebruiken. Je hoeft dit niet perfect uit te voeren, maar het helpt je om je gedachten te ordenen.

  1. Check jezelf: Voel je je goed genoeg om te trainen? Zijn je klachten stabiel of pieken ze? Wees eerst eerlijk tegenover jezelf.
  2. Kies je moment: Plan een kort gesprekje. Niet midden in een drukke groepstraining, maar voor de les of in de pauze.
  3. Geef feiten, geen meningen: "Mijn rug voelt strak vandaag" is beter dan "Ik heb een kutdag".
  4. Benoem een oplossing: "Ik doe vandaag mee, maar ik skip de hoge sprongen."
  5. Check in na de les: Vraag of het goed voelde voor de Sensei en voor jou. Dit sluit de cyclus.
  6. Gebruik hulpmiddelen: Overweeg een medisch polsbandje (zoals een SOS-bands) waarop je belangrijke info zet, voor het geval het écht misgaat. Die kosten vaak tussen de €10 en €25.

Een specifieke situatie: Stel je doet Judo en je hebt last van je schouder. Tijdens uchikomi (herhalen van de worp) voel je pijnscheuten. Stop direct. Zeg tegen je partner: "Ik voel iets in mijn schouder, ik stop even." En tegen de Sensei: "Ik kan deze worp vandaag niet goed uitoefenen.

Kan ik meedoen met het staande werk of het valbreken, of is trainen met een bril of lenzen een probleem?" Dit is duidelijk, veilig en toont leiderschap.

Denk ook aan je uitrusting. Een standaard aikidogi of judopak kost al gauw €60 tot €100. Als je specifieke steunen nodig hebt, zoals kniebrace (€20-€40) of enkelbandjes (€15-€30), investeer daarin. Het beschermt je lichaam en geeft je mentale rust. Jouw Sensei zal zien dat je je training serieus neemt en investeert in je eigen veiligheid.

De werking van begrip en aanpassing

Wanneer jij je verhaal doet, verandert er iets in de dynamiek. Je Sensei kan nu specifieke drills voor je bedenken.

Hij kan zeggen: "Jij doet vandaag de staande technieken, maar je partner doet de val voor jou." Of: "We doen de techniek op een lagere intensiteit, jij focust op de placement (de stand)." Dit soort aanpassingen maakt dat je toch de techniek leert begrijpen, zonder je lichaam te forceren. Je traint de mentale kant, wat net zo waardevol is. Er zijn verschillende modellen van communicatie.

Je kunt kiezen voor de "discrete melding": je fluistert iets in de oor van je partner tijdens de oefening, bijvoorbeeld als je herstellende bent van een verstuikte enkel.

Of de "groepsaanpak": je vertelt in de kring kort iets, zodat iedereen weet hoe ze met jou om moeten gaan. De prijs van deze communicatie is nul euro, maar de waarde is onbetaalbaar. Het voorkomt blessures die je maandenlang aan de kant houden. Een gemiste training kost je al snel €10 tot €15 per les, exclusief de mentale frustratie.

Soms is er sprake van "Pacing". Dat is een methode waarbij je je energie verdeelt, net zoals je bij vragen over kledingvoorschriften en hoofddoeken tijdens de training kijkt wat voor jou prettig werkt.

Je traint 5 minuten intensief, en rust daarna 2 minuten actief uit (bijvoorbeeld door mee te doen in een lagere versie). Dit is een model dat je samen met je Sensei kunt toepassen. Je legt uit: "Ik heb een batterij die leegloopt.

Ik moet hem tussendoor opladen." De Sensei kan dan de lesopbouw hierop aanpassen, zodat jij de volle 60 minuten kunt blijven meedraaien, op jouw tempo.

Denk aan de dojo-contributie. Je betaalt vaak €40 tot €70 per maand. Je wilt waar voor je geld.

Door te communiceren, haal je eruit wat erin zit. Je voorkomt dat je na drie lessen weer een maand moet stoppen omdat je te ver bent gegaan.

Een open houding zorgt ervoor dat je lid blijft en plezier houdt. Dat is voor de Sensei ook fijn, want hij wil dat zijn leerlingen blijven komen.

Handige tips en trucs voor de lange termijn

Houd een simpel trainingsdagboek bij. Niet ingewikkeld, gewoon in de notities op je telefoon.

Noteer: "Vandaag deed ik X, voelde Y, en deed ik Z aanpassing." Dit helpt jou om patronen te zien en is goud waard als je weer met je arts of fysiotherapeut spreekt. Je kunt dit ook delen met je Sensei als je merkt dat bepaalde dingen steeds terugkomen. "Sensei, ik zie dat mijn knie altijd pijn doet na het draaien in de heup, kan dat komen doordat ik mijn voet verkeerd zet?"

Gebruik de "Traffic Light" methode. Groen: Ik voel me top, ik kan alles aan.

Oranje: Ik voel wat stramheid, ik pas mijn techniek aan en vermijd extreme bewegingen. Rood: Ik voel pijn of extreme vermoeidheid, ik blijf aan de kant of doe alleen mee met de theorie. Hang deze kleuren in je hoofd en communiceer ze desnoods naar je partner: "Vandaag zit ik op oranje, dus let even op."

Wees je ervan bewust dat sommige Sensei's traditioneler zijn. Ze verwachten misschien doorzettingsvermogen.

Als jij zegt dat je niet kunt, kan dat even schrikken zijn.

Blijf kalm en herhaal je boodschap: "Ik wil heel graag trainen, maar mijn lichaam geeft nu een grens aan. Ik ben bang voor blijvende schade als ik hier overheen ga." Dit toont respect voor de kunst, maar ook voor je eigen lichaam. Meestal begrijpen ze dit na een of twee keer. Vraag af en toe: "Is dit goed voor je?" tegen je partner.

Als jij zelf een chronische aandoening hebt, ben je vaak je eigen coach. Maar vraag ook aan je partner hoe het voor hem of haar voelt.

Misschien vindt hij het fijn om even rustiger te doen, zonder dat hij het zelf durft te zeggen. Jij kunt dan een veilige haven zijn. Zo draai je de rollen om en word je een waardevolle trainingspartner, ondanks of misschien wel dankzij je beperking.

Als het echt niet lukt om het gesprek aan te gaan, schrijf het dan op. Een briefje aan je Sensei met je belangrijkste punten kan helpen.

"Beste Sensei, ik vind het lastig om te zeggen, maar ik wil graag dat je weet dat ik..." Leg het op de balie. Vaak is de drempel om te praten dan lager, omdat je het al hebt vastgelegd. Zo blijft de communicatie open en blijf jij veilig trainen.

Portret van Remco van der Berg, aikido trainer en sportjournalist
Over Remco van der Berg

Remco traint al 20 jaar aikido en schrijft over vechtsporten en persoonlijke ontwikkeling.