Moet ik Japans kunnen spreken om Aikido te doen?

Portret van Remco van der Berg, aikido trainer en sportjournalist
Remco van der Berg
Aikido trainer en sportjournalist
Geschiedenis & Cultuur · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je stapt voor het eerst een aikido-dojo binnen in Nederland. Je hoort een stroom van onbekende klanken: “Onegaishimasu!”, “Shomen ni rei!”.

Je hoofd maakt overuren. Moet je nu opeens Japans spreken om deze vechtsport te beoefenen? Het antwoord is een geruststellend nee, al is het goed om te weten waarom correct taalgebruik in de dojo belangrijk is.

Je hoeft geen woord Japans te spreken om een goede aikidoka te worden, al helpt onze handige Japanse termenlijst je wel op weg.

Toch is de Japanse taal diep verweven in de cultuur. Ontdek waarom Japans de voertaal is in onze lessen; laten we samen uitzoeken wat je écht moet weten en wat vooral leuk is om te leren.

## Waarom Japanse terminologie wordt gebruikt in Aikido Aikido is ontstaan in Japan, en de taal is een directe erfenis van die geschiedenis. Het is niet zomaar een verzameling willekeurige woorden; het is een manier om de essentie van de beweging en de houding vast te houden.

Universele taal op de mat

Stel je voor dat je in een dojo in Amsterdam staat, en je wisselt van partner met iemand uit Duitsland. Jullie spreken geen gemeenschappelijke moedertaal, maar op de mat spreken jullie dezelfde taal. Een term als Ukemi (de valtechniek) of Irimi (binnentreden) is direct en eenduidig. Het voorkomt misverstanden tijdens de oefening en zorgt ervoor dat iedereen, ongeacht zijn achtergrond, dezelfde instructie begrijpt. Het is een praktische, wereldwijde standaard.

Behoud van traditie

De Japanse termen zijn een tastbare link met de wortels van de vechtkunst. Ze dragen de sfeer en de filosofie van aikido over van de ene generatie op de andere. Door de originele namen te gebruiken, eren we de grondlegger, Morihei Ueshiba, en de cultuur waaruit aikido is voortgekomen. Het zorgt ervoor dat de kunst niet “verwatert” maar haar identiteit behoudt, zelfs in Nederlandse dojo’s. Het is een manier om traditie levend te houden zonder dat het zwaar of formeel aanvoelt. ## De basiswoorden die je in de eerste maand leert Je hoeft niet meteen een studieboek openslaan. In de eerste weken leer je de belangrijkste woorden vanzelf, doordat ze constant herhaald worden. Dit zijn de woorden die je direct in de praktijk brengt.

Tellen in het Japans (Ichi tot Ju)

Tellen is essentieel voor tempo en synchronisatie. In veel dojo’s tel je tijdens de warming-up of bij het uitvoeren van basistechnieken in het Japans. Je leert snel: 1. Ichi (een) 2. Ni (twee) 3. San (drie) 4. Shi of Yon (vier) 5. Go (vijf) 6. Roku (zes) 7. Shichi of Nana (acht) 8. Hachi (acht) 9. Ku (negen) 10. Ju (tien) Deze tien woorden zijn vaak al voldoende voor de eerste maanden. Ze helpen je om je ademhaling en beweging te synchroniseren met je partner.

Groeten (Onegaishimasu en Arigato gozaimashita)

Dit zijn de twee meest gehoorde woorden in de dojo. Onegaishimasu zeg je voordat je begint met oefenen. Letterlijk betekent het “ik vraag je om het te doen”, maar in de praktijk is het een soort “laten we beginnen” of “alsjeblieft”. Het is een teken van respect en voorbereiding. Aan het einde van de les of na een oefening met een partner zeg je Arigato gozaimashita. Dit betekent “dank u wel”. Het is een beleefde waardering voor de hulp en de energie die je partner heeft gegeven. Het is een klein gebaar met een groot effect op de sfeer in de dojo.

Richtingen (Omote en Ura)

Deze termen beschrijven de kant van de aanval en de beweging van de verdediger.
  • Omote: Dit is de “voorkant” of de “aanvalsrichting”. Je beweegt mee met de aanval, langs de voorkant van de partner.
  • Ura: Dit is de “achterkant” of de “omkeer”-richting. Je draait om de aanval heen, naar de rugzijde van de partner.
Deze begrippen zijn cruciaal voor het begrijpen van de basisprincipes van aikido. ## Namen van technieken en aanvallen begrijpen Zodra je de basis onder de knie hebt, kom je de namen van technieken tegen. Deze zijn logisch opgebouwd en helpen je de beweging te visualiseren.

Aanvallen (Uchi en Dori)

Veel aanvalstermen eindigen op -Uchi (slaan) of -Dori (grijpen). Je hoeft ze niet allemaal te kennen, maar een paar zijn essentieel:
  • Shomen Uchi: Een frontale aanval, vaak een slag naar het hoofd.
  • Yokomen Uchi: Een slag vanaf de zijkant, naar het hoofd of de schouder.
  • Katate Dori: Een polsgreep met één hand.
  • Munedori: Een greep naar de kleding op de borst.
Deze termen geven direct aan wat de aanvaller doet, zodat je weet hoe je moet reageren.

Technieken (Nage en Katame waza)

Aikido-technieken zijn onderverdeeld in twee hoofdcategorieën:
  • Nage Waza (worptechnieken): Dit zijn de technieken waarbij je de partner werpt, zoals Irimi Nage (binnentredende worp) of Shiho Nage (vierhoeksworp).
  • Katame Waza (houdbarechnieken): Dit zijn technieken waarbij je de partner controleert op de grond, zoals Ikkyo (eerste leer) of Ikkyo (een pinning).
De namen zijn vaak een combinatie van de beweging en het type techniek. Als je de basisprincipes van Irimi (binnentreden) en Tenkan (draaien) begrijpt, vallen de namen van de technieken vaak op hun plek. ## Hoe leer je de termen zonder taalles? Je hoeft geen Japans te studeren om de termen te leren. De dojo zelf is de beste leerschool. Het draait allemaal om herhaling en context.

Leren door herhaling

Elke les hoor je dezelfde woorden. Na tien lessen ken je Onegaishimasu en Arigato zonder erbij na te denken. Na twintig lessen herken je de klank van Shiho Nage. De sleutel is om actief te luisteren en de woorden te koppelen aan de acties die je uitvoert. Het is geen theoretische kennis, maar lichaamsgeheugen.

Spiekbriefjes in de dojo

Veel dojo’s hebben een poster aan de muur met de meest voorkomende termen. Het is handig om deze af en toe te bekijken. Sommige scholen geven beginners ook een klein kaartje met de basiswoorden. Gebruik dit als hulpmiddel, maar probeer niet te veel te lezen tijdens de les. De praktijk blijft het belangrijkst.

Fysieke associatie

De beste manier om een term te onthouden, is door de beweging te voelen. Koppel het woord Ukemi direct aan het gevoel van ontspannen vallen. Koppel Irmin aan de beweging van je lichaam naar binnen, de aanval in. Als je de fysieke sensatie kent, blijft de term vanzelf hangen. ## Is vloeiend Japans spreken een vereiste voor zwarte band? Dit is een veelgestelde vraag onder beginners. Het antwoord is duidelijk: nee, vloeiend Japans spreken is geen vereiste. De exameneisen zijn gericht op je aikido-vaardigheden, niet op je taalvaardigheid.

Exameneisen voor Dan-graden

Voor een eerste Dan (shodan) in Nederlandse aikido-verenigingen, zoals die van de Aikikai of de verbonden scholen, wordt er vooral gekeken naar je technische kwaliteit. Je moet de basistechnieken beheersen, Ukemi goed uitvoeren en de principes van beweging begrijpen. Kennis van de Japanse terminologie maakt deel uit van de beoordeling, maar het gaat om begrip, niet om perfecte uitspraak of gespreksvaardigheid. Je moet kunnen aangeven welke techniek je doet en de instructies begrijpen.

Begrip vs spreekvaardigheid

Het is belangrijk dat je de termen begrijpt. Je moet weten wat er van je wordt gevraagd als de instructeur zegt: “Shiho Nage, omote”. Je hoeft niet in volledige zinnen Japans te spreken. Een simpele “Hai” (ja) of “Wakarimasu” (ik begrijp het) is vaak al voldoende. De nadruk ligt op het begrijpen van de instructies en het correct uitvoeren van de techniek. De Japanse taal is een hulpmiddel, geen drempel. Dus, trek je sportkleding aan, stap de mat op en geniet van de beweging. De taal komt vanzelf.

Portret van Remco van der Berg, aikido trainer en sportjournalist
Over Remco van der Berg

Remco traint al 20 jaar aikido en schrijft over vechtsporten en persoonlijke ontwikkeling.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Geschiedenis & Cultuur
Ga naar overzicht →